maandag 27 juli 2009

De grijze pelgrim

Om kwart over zes komt de grijze pelgrim beneden in de refugio van Ponferada, we zitten op 202,5 km van Santiago. Vannacht geslapen in een vierpersoonskamer met krakende bedden. Het andere stel kroop bij elkaar in bed en had niet zoveel op met ons en had ons denken wij, zelfs liever niet gezien. Beneden in de refugio en wordt ik begroet door drie tafels vol met etende pelgrims, zo´n 60 pelgrims, buiten zitten of liggen er nog 40, ze maken schoenen vast, geven afscheidsknuffels, prikken nog wat blaren door en eten of drinken nog wat. Sommigen mediteren en anderen brengen op het grasveld op blote voeten de zonnegroet aan de sterren. Want het is nog nacht, een prachtige sterrenhemel is te zien en als de grijze pelgrim even later door de poort gaat wordt hij opgenomen in het schimmenlegioen, voor hem en achter hem schimmen die allemaal de zelfde weg gaan een uitweg zoeken uit de stad Ponferada, hetgeen een klus is zo heb ik vorig jaar op de fiets gemerkt. We lopen als kudde dieren achter elkaar en voormij stoppen er een paar en nog wat meer, we missen de pijlen of borden en zijn verkeerd gelopen. Onder de sterrenhemel worden we langzaam wakker en met een beetje goed geluk schuivelen we weer verder. Evenlater zie ik bij een afslag om de hoek een bord met een pijl een andere richting uit, de meute schimmen voor mij schuivelt steeds verder weg en achter mij wordt getwijfelt. Ik besluit af te slaan en mijn besluit geeft kennelijk moed want achter mij hoor ik meer geschuivel de schimmen vervolgen hun weg en de onzekerheid daalt als we nog meer bordjes en pijlen tegenkomen. Opeens begin ik de weg te herkennen en weet waar ik naar toe moet, er ontbreken nu aanwijzingen maar ik zet er stevig de pas in en wordt gevolgd door menigeen. Dit voelt goed het gaat lekker en via allerlei weggetjes komen de aanwijzingen weer te voorschijn en zitten we op de goede weg. Het Buen Camino klinkt bij het passeren nu wat opgeluchter en langzaam begint de grijze pelgrim wat kleur te krijgen, de zon begint langzaam aan kracht te winnen en ook de omgeving wordt meer zichtbaar, grijs wordt zwart en blauw en rood en geel en wit, een bonte stoet trekt voort over de paden langs een tuinbouw gebied en als na vijf km de eerste kroeg wordt aangekondigd gaan we massaal aan de cafe con leche met croissant. We kunnen dit niet laten staan en de laatste slaap wordt uit de ogen gewist en de eerte praatjes komen op gang. Dat die grijze Hollkander de weg wist dat verbaasde hen en het was maar goed ok anders hadden we lopen dwalen, er wordt meteen uitgewisseld waar we vandaan komen en hoeveel dagen we onderweg zijn. Vele Spaanse en Italiaanse pelgrims zijn nog niet zo lang onder weg soms maar enkele dagen, vertrekken uit St.T Jean Pied du Port is een hele prestatie merk ik deze morgen. Als ik mijn weg vervolg lopen we allemaal een beetje in een ritme, ik denk terug aan de steen die ik achter heb gelaten bij het ijzerenkruis. Als ik nog eens weer kom zal ik de steen niet meer kunnen vinden zo weet ik nu al. Dat is goed hij is dan opgenomen in het grote geheel zoals ik ook eens weer opgenomen wordt in dit geheel van mensen die komen en gaan. We worden gepolijst en polijsten anderen die vaak verder gaan en ook weer polijsten zo worden er waarden overgedragen die belangrijk zijn om met elkaar te kunnen blijven samenleven. Samenlevingen versmelten met elkaar zo merken wij al bij onze kinderen maar zien het hier ook op de Camino.We ontmoeten Spanjaarden en Italianen die zelfs Engels spreken, vijftien jaar geleden was dit een uitzondering, Koreaanen, Japanners, Hongaren Roemenen en veel Duitsers en een enkele Oostenrijker, als Hollanders zijn we sporadisch aanwezig, en stuk of vier hebben wij er op onze tocht gesproken. De versmelting van al die verschillende rassen maakt de Camino boeiend. vanmorgen wordt ik nog ingehaald door een Spanjaard die informeert naar mijn enkel, hij ziet mij af en toe moeilijk lopen. Een beetje te zwaar belast en af en toe merk ik dat reageer ik, hij wenst mij sterkte en een goede camino en gaat weer door.
Om 12.00 uur heb ik er 24 km op zitten en ontmoet ik Marianne bij de kerk met een zij-ingang voor vermoeide of zieke pelgrims die hiet hun aflaat kunnen halen en niet meer door hoeven lopen naar Santiago. Gelukkig is de deur dicht en loopt Marianne nog wat verder met mij mee de berg op en naar Santiago. Het eind komt in zicht met zo´n 188 km nog voor de boeg. Villafranca is een leuk stadje met wel vier kerken, Marianne heeft zich vanmorgen laten vervoeren door het bagage vervoer dat pelgrims met hun rugzak kunnen laten doen, Mariane had weer even een rustdag nodig om verder te kunnen gaan. Zij werd vervoerd door een oud mannetje met een oud karretje, het voelde niet helemaal lekker voral als je heel Ponferada doorgereden wordt naar allerlei buurtjes om goederen op te halen Uiteindelijk heeft hij haar goed en heel afgezet in Villafranca waar wij onder de kerk met de deur stokbrood hebben gegeten.

Groeten

Dirk en Marianne

zondag 26 juli 2009

Spieren rekken en strekken

Je zal toch 60 zijn en op een stoepje bij een woonhuis uit het zonnetje (wat verblindend is) zitten,in de schaduw en er komen twee leeftijdsgenotes gearmt langs die in vrolijk Spaans van alles beginnen te rebbelen, ze denken dat wij hen verstaan mijn echtgenoot wordt over haar bolletje gestreken en begrijpt nog net dat zij ons smakelijk eten wensen. De vrouwtjes hobbelen weer door en ik maak mijn brood klaar, stokbroodsnijden op de knieen, boter erop, wat smeerkaas is makkelijk bederft niet zo snel en dan een plakje tomaat erbij. Bij het tweede broodje valt de tomaat opstraat en mijn echtgenoot spoelt dat lekker af met water en geeft mij het broodje. Wat is het leven toch simpel als je 60 bent. Gisterenmiddag zaten we even op het pleintje een biertje/wijntje te drinken, komt er zo´n stel aan ik schat iets jonger dan wij, alle twee een mouwloos hempje aan en een korte broek waaruit beentjes steken die niet om aan te zien zijn. Zij stekeltjes haar en hij een geschoren koppie past goed bij de leeftijd!! Sokjes en sandalen markeren het geheel. Zij heeft een modieuze bril op die haar hele gezicht markeerd als een sombere boze streep. Wat mode al niet met zich meebrengt. Daarnaast aan een ander tafeltje zit een vrouw met een hele spitse neus die zij ongetwijfelt in alerlei zaken steekt die niet daarvoor bedoeld zijn. Een ander echtpaar dirnkt een sapje, ziet er grijs uit en keurt en de omgeving geen blik waardig. Een Duitse pelgim komt langssloffen, zij heeft een week opgetrokken met twee paters uit Ierland en kwam er achter dat haar schoenen te klein waren en heeft nieuwe schoenen gekocht, haar tenen zijn gevoeloos maar dat hindert niet zij strompelt naar Santiago een ieder aanklampend die haar enigzins kan opbeuren. Zo zit je een uurtje een pilsje te drinken en wordt geinspireerd door je omgeving. Marianne heeft daar minder oog voor en als ik verhaal wat ik zie is zij voortdurend bang dat er Nederlenders in de buurt zijn die mij kunnen horen terwijl ik in een deuk lig over wat de omgeving mij te bieden heeft. Ik stop er maar mee, we eten lekker in de herberg en genieten van de ondergaande zon in de tuin. We slapen deze nacht perfect op een slaapzaal met 20 plaatsen, driekwart bezet en worden om kwart voor zeven wakker. Na het kleden een lekker koppie koffie met hoe raad je het een croissant en we kunnen weer op pad. Een forse afdaling en klim naar Ponferada volgt en de spieren zijn weer volledig uitgerekt en haast versleten. We belanden uiteindelijk in een herberg met zo´n 200 plaatsen. Om half twee zijn we nog te vroeg en een hele rij rugtassen staat te wachten om ingetaket te worden, de eigenaars van de tassen zitten onderuitgezakt met een biertje, frisje in de schaduw te wachten tot de herberg opengaat. Als dit gebeurd gaat er binnen een half uur een hele meute naar binnen die ingeschreven wordt, een bed toegewezen krijgt en vervolgens onder de douche wil gaan en dus weer in de rij, je legt je handdoekje neer en schuift deze steeds een stukje op tot je aan de beurt bent en merkt dat je een heerlijk koude douche hebt. De pelgrims komen er met een stalen gezicht onder vandaan zo van dat was pas een lekkere douce, op geen enkele manier kun je merken dat zij van een koude douche thuiskomen.
We vergaan vandaag van de warmte het is heerlijk als je bedenkt dat het ook zou kunnen regenen, we hebben het tot nu toe droog gehouden en dat lijkt ons prima.
Tot de volgende ronde

Adios uit Spanje op 202,5 km afstand van Santiago

Dirk en Marianne

Cruz de Hierro



Het was mistig op de ochtend dat wij ertrokken uit Rabanal del Camino. We hadden geslapen bij de Engelsen en een eigen potje gekookt en gegeten in de gigantische tuin in de zon onder genot van een goed glas wijn. ´s Morgens opgestaan met een uitstekend ontbijt klaargemaakt door de hospitaleros, koffie,thee geroosterd brood en jam, fantastisch daarmee kun je de berg op. Een buurvrouw wist te vertellen dat het boven op de berg veel laaghangende bewolking aanwezig was en in het dal prachtig weer zou worden, daar moesten wij jammer genoeg niet naar toe. In de vroege koude morgen liepen wij de 7 km naar boven langs Foncebadon (het hondendorp), we hebben een hond gezien verder veel mist en stille huizen en een restaurant dat niet open was, koud en guur, dus verder naar het kruis boven op de berg van 1500 meter. Ik vind het evenals vorig jaar een indrukwekkende plek, voor Marianne was het gewoon geweldig dat we boven op de berg van 1500 mtr waren aangeland. Ik had mijn steentje weer meegenomen maar kon moeilijk weer allerlei goedbedoelde en verkeerd uitgepakte zaken in het steentje achter laten. Dat had ik vorig jaar al gedaan. het steentje was in de grote berg stenen niet meer terug te vinden en dat hoort ook zo. Al onze gedachten die we in een steen achter laten worden opgenomen in het grote geheel van wat we met elkaar daar achter laten. Kleine of grote zaken worden onbelangrijk gezien in het licht van de eeuwigheid. Dus het is goed om te merken dat ook mijn steen daarin opgenomen is. De steen die ik vandaag achterlaat is een gepoljste steen van de weg naar Santiago .
Hij is niet zo groot, dat ben ik ook niet, het is maar een klein steentje in de berg van stenen, toch maakt mijn steen ook deel uit van deze berg. Hij is gepolijst, wat platgeslagen of bijgeschuurd en er ontbreekt hier en daar een stukje en er zitten wat barsten in. Zo is het mij ook vergaan, evenals dat steentje ben ik ook gepoljst in de loop der jaren. Dat begon al bij mijn moeder, het gezin, de school, de eerste werkervaring, door te gaan samenleven enz. enz. telkens opnieuw wordt je bijgeschaafd, loop je butsen en deukjes op en ontstaan er scheuren in het geheel. Dit maakt tot wie ik geworden ben en dat is al heel wat, dat ik een onderdeeltje ben met een eigenheid die deel uitmaakt van het grote geheel. Het geheel kan niet zonder het individue en omgekeerd kan ook niet. Bij zo´n berg stenen wordt je daar je weer eens bewust van. Het maakt ook dat ik vandaag hier met Marianne rondloop in de laaghangende bewolking bij het ijzerenkruis op het hoogste punt an de berg. Dat wij hier samen zijn en dat wij de afgelopen weken samen geploeterd hebben door het onvoorstelbare mooie Spaanse land, op weg naar Santiago. Marianne heeft lang gezocht naar haar steen. In het begin zag zij wel mooie ronde, witte stenen, die zij niet meegenomen heeft. het was te ver om de stenen te sjouwen. Nu legt zij tot mijn verrassing twee stenen neer,
de ene een beetje bol met een platte kant de andere steen wat donker en klein ernaast. Zij wil mij de betekenis hiervan niet vertellen omdat ik dat vorigjaar ook niet gedaan heb en zij nog steeds nieuwschierig is naar de betekenis van mijn steen. Voor mij was het zo klaar als een klontje, voor haar kennelijk niet. Als ik analyseer is zij eigenljk teleurgesteld dat zij niet zo´n mooi rond wit steentje heeft neergelegd, symboliserend dat alles mooi, gaaf en heel zou moeten zijn. Nu zit er meer symboliek in, rond met een plat kantje, niet alles is wat het lijkt zou een goede metafoor kunnen zijn. Ik blijf zitten met het kleine donkere steentje, zouden dit de gedachten zjn die zij achter wil laten, de teleurstellingen in het leven? Ik weet het niet en vraag mj af of ik er achter kom. We lopen verder een stukje het dal in naar Manjarin waar een herberg staat die als de primitiefste van de Camino wordt beschouwd, slapen in een oud gebouw op een matrasje en ´s avonds bij het kampvuur. We worden wel harteljk ontvangen met koffie en een praatje geweldig op 1400 mtr hoogte. We nemen vrolijk afscheid en klimmen nogmaals naar de volgende top omdaarna stijl af te dalen naar El Acebo. We hebben het dan wel even voor vandaag gehad, na de top kwam het zonnetje door en het landschap ontvouwde zich tot een geweldig imponerend panorama waar we doorheen gingen, het werd warm en zelfs kregen we het heet en het pad dat steil afliep en bezaaid lag met keien voor de pelgrims een behoorljke hindernis werd.

vrijdag 24 juli 2009

Op naar boven


Gisteren en dagje rust in Astorga, toch wel lekker als Marianne even een griep aanval krijgt, je hebt meteen rust, een goede slaapkamer en kan eens lekker bijkomen. De griepaanval was gelukkig van korte duur, gisterenavond zaten we al weer aan de wijn, meloen en vis. Het eten smaakte weer fantastisch, mogelijk was de griepaanval te wijten aan de weersomstandigheden en /of een niet zo frisse herberg. Verbazingwekkend hoe je je ineens heel berioerd kan voelen en vervolgens na een paar pilletjes, een slaapje en wat lekker eten weer het vrouwtje kunt voelen.
Gelukkig maar, een dagje Asrorga is al meer dan genoeg meerdere dagen was niet gezellig geworden. Dus vandaag weer opstap de natuur in, op weg naar Cruz de Ferro het hoogste punt van de tocht naar Santiago 1500 mtr. Dus vandaag weer bergje op een heel ander landschap dan dat we de afgelopen weken gehad hebben, het landschap was adembenemend mooi, ruim zicht over de vallei en paadjes voor de pelgrims die enigzins aan de veluwe doen denken, maar dan niet vlak maar omhoog. We zien weer veel nieuwe pelgrims, het blijkt dat er steeds mensen stoppen of de bus nemen en stukken overslaan of starten in plaatden die voor ons niet logisch zijn.
We lopen daardoor vaak in colonne en op sommige plaatsen kan het druk zijn, vooral ´s morgens bij de koffietenten komen ze handen te kort. Het geeft een opleving aan de plaatsjes langs de Camino, als er geen pelgrims geweest zouden zijn waaren veel plaatsjes al lang doodgebloed. We stoppen elke dag omdat we 20 km lopen zo tussen 13.00 en 14,00 uur wat een goede tijd is om een slaapplaats te krijgen. Vandaag in een augberge van de paters in Rabanel del Camino gestopt, die gerund wordt door het Engelse Genootschap en we worden verwelkomt door een Nederlander die de Engelsen helpt. Best wel prettig om even met een landgenoot te praten.
Tegen het eind van de middag lopen de herbergen vol en worden de matrasjes te voorschijn gehaald, we blijven ons dus maar aan de 20 km houden dat is wel zo prettig.


Adios

Dirk en Marianne

donderdag 23 juli 2009

Pelgrim griepje


We zijn gisteren na 20 km gestopt in een armoedig dorpje, een herberg in een voormalige pastoriewoning en verder was er niets in het dorp, geen cafe, winkel of andere ontsnappingsmogelijkheid. We werden ingeschreven door een aardige knul die vroeg of we ook wilden meeeten, wat we maar gedaan hebben en of wij een pilsje wilden, om 13.30 uur. Kennelijk heeft hij ervaring met pelgrims, wij sloegen het aanbod nog even af maar toen wij de tassen even geparkeerd hadden en in de tuin zaten hadden we toch wel trek.
Ik heb een pilsje en wijntje gehaald, bier begrepen ze nog, wijn niet, ze dachten dat ik een glas wilde, nee dus en toen ik een drinkbeweging maakte en nogmaals vino zei werd ik ineens begrepen en kreeg ik een bierglas met wijn mee, daar kon je wel een middagje op teren en toen even later de herbergier naar buiten kwam met brood en koud vlees was het feest kompleet en hebben we lekker in de tuin gezeten om bij te komen van onze tocht en vooruit te kijken naar de komende dagen. We zijn vanuit de vlakte tussen Burgos en Leon weer in de heuvels terecht gekomen en gaan op naar de bergen (1500 mtr). Het is leuk om weer in een ander wisselend landschap te lopen, vanuit de vergezichten naar wat zou er achter die heuvel liggen! De kok van de Herberg kon er wat van en we hebben een betere Caminomaaltijd genoten samen met Italianen, een Belg, twee Fransen, een Ierse en een Braziliaan.
Het is onvoorstelbaar wat eten, een glas water en wijn niet teweeg brengt en hoe je instaat bent met elkaar te communiceren, waardoor is dat in het echte leven zo moeilijk!!!! Vandaag vroeg opgestaan en we dachten ontbijt te zullen krijgen (stond in de folder) in het niemandsdorp, van de herbergier. Maar deze was in velden nog wegen te zien, dus we moeten ons behelpen met water, yoghert en banaan. Ook niet gek maar een lekker bakkie koffie op dit vroege uur zou wel lekker zijn geweest. Marianne was niet zo lekker vandaag, had slecht geslapen, de afstand tot het bovenbed was klein, waardoor claustofobische gadachten ontstonden, alles deed pijn in de ledenmaten en wees op een aanstormende griep. Maar u kent Marianne ook zij is niet snel te stoppen en ging dapper op weg en sleepte zich 10 km voort tot de volgende plaats. Koffie met; nee geen cognac, maar wel croissant deed wonderen ze voelde zich een stuk beter. We hebben de plaatselijke kerken in Astorga bezocht, inkopen gedaan en toen zakte de stemmeing toch weer en sloeg om. Marianne zou thuis het liefst in bed willen liggen, helaas een stukje te ver weg.
We gingen informeren bij een Casa naar een kamer om weer even op krachten te komen, de eigenaar was Nederlander en die had een beter idee, in de Herberg hadden ze twee persoonskamers, was dat niet een optie, hij belde wel even en ja hoor er was nog het een en ander vrij en hij reserveerde. Deze aardige actie scheelt ons wel 60 euro, de kamer in de herberg is voor ons beide 10 euro, bij een particulier hadden we zeker 60a 70 euro betaald, dus weer engeltjes op onze weg en nu maar hopen dat Marianne kan herstellen en dat we morgen verder kunnen.


Adios

Dirk en Marianne

dinsdag 21 juli 2009

Nog 288 km


Vanmorgen voor zevenen vertrokken uit Leon, we hadden goed geslapen op een kamer met acht bedden en zes personen. Er waren nadat wij waren gaan slapen en voor we wakker werden pelgrims op de kamer gekomen en vertrokken in de nacht en vroege morgen zonder dat wij dit echt in de gaten hadden. Dus zo kan het ook.
Toen wij om 6.15 uur opstonden hebben we het zelfde gedaan en heel zachtjes zijn we weggeslopen. We zijn altijd weer blij om buiten te zijn, het is binnen erg warm. Lekker koffie gedronken, banaan en yoghert gegeten en op weggegaan door een ontwakende stad. We hadden zo´n vijf km nodig om de stad uit te komen en al naar gelang we vorderden nam het verkeer toe. Bij het plaatsje La Virgen del Camino even koffie gedronken, breed lachend kwamen onze Spaanse vrienden eraan zij hadden in een andere herberg prima overnacht tot onze verbazing. 150 man op twee kleine slaapzalen, later spraken we nog pelgrims die om 5 uur en half zes waren weggegaan door de warmte en de onrust in deze Herberg waar zij niets van hadden gemerkt.
Het is in de buitenlucht veel beter dan in zo´n bedompte ruimte. Bij Virgen hebben we de alternatieven route genomen over onverharde weggetjes en langs leuke dorpjes. De Camino Frances ligt vanaf hier de volgende 50 km begraven onder het asfalt, waarover vrachtwagens razen en je op een klein paadje naast de weg het voortdurend gedender mag aanhoren. Wij en nog een aantal pelgrims zijn niet zo fanatielk of juist wel, wij genieten meer van de stilte, de natuur en de rust en die kregen wij ruimschoots. In Villadangos del Paramo zijn we gestopt in een herberg genaamd "Jezus".

De muren zijn volgeschreven met teksten door pelgrims en muurschilderingen, het geeft een bond uiterlijk aan deze herberg, met een binnenplaats en buitenslaapplaatsen. Wij hebben een kamer met drie stapelbedden tot nu toe voor onszelf. We gaan vanavond maar zelf koken er zijn hier twee fantastische keukens zonder grafity.

Groeten

Dirk en Marianne

maandag 20 juli 2009

Op naar Leon



We hebben lekker gekookt met drie duitse pelgrims in de herberg. We hadden ineens zin in lekker eigen gekookt eten en vonden een paar kandidaten die wel met ons mee wilde doen. Gewoon spagetti en slade met meloen toe. Wij op zondag naar de plaatselijke kroeg anex dorpswinkel en hebben zowat de winkel leeggekocht tot verbazing en verrassing van de eigenaarresse.
Ze had en toverde van alles voor ons op tafel van peper tot olie en azijn, macaroni, tomaten en zelfs eieren en sla lagen in de winkel, we vonden ook nog paprika´s en peper kregen we gratis we moesten het molentje wel zelf ronddraaien.
Wauw koken met twee duitse vrouwen en Marianne in de rol van chef kok werd er noest gewerkt en een heuse maaltijd op tafel gezet, wij mannen waren voor de wijn, het water de tafel dekken en de afwas goede verdeling. Iedereen vond dat Marianne mocht blijven uitstekend gekookt en er werd goed gegeten. We hadden toch te veel er liepen nog wat bescheiden Polen rond die eerst niets moesten weten van een hapje macaroni en toen ze over de streep waren zelfs twee borden opaten, onder goedkeurend hhhhuuummmm, lekker etc. Het laatste restje ging naar een pelgrim die 50 km had gelopen en alleen met een stukje brood zat, hij was heel verguld met de maaltijd en nog gratis ook. We sliepen op een half volle slaapzaal ook wel eens lekker en rustig en werden niet voor zessen gewekt. De eerste km naar Leon zouden we lopen en afhankelijk van de knie van Marianne en de enkel van mij of wij het laatste stukje door de industriewijk de bus zouden pakken. Er waren meer pelgrims die de bus zouden nemen maar bij het busstation zagen ze ons niet, hevige discussie hoorden wij later of wij toch zouden zijn gaan lopen, dat konden we als oudsten niet maken tegenover de jongeren. Dus toen wij een aantal halten verder instapten ging er gejuich op in de bus en we voelden ons weer opgenomen in de pelgrimfamilie.
We trekken onderhand op met heel wat bekenden en zeggen geregeld Hola als we weer iemand tegenkomen. Vandaag Leon gedaan we zouden eerst gaan slapen bij de zusters 150 bedden op kleine slaapzalen en mannen en vrouwen gescheiden zo lazen wij, om half tien binnen naar de kerk en slapen, toch maar naar de andere herberg gegaan even buiten het centrum, lekkere kamers voor zes personen op een lange gang met wel 20 kamers.
Ik heb hier vorigjaar ook geslapen en dit was goed uit te houden. Leon gezien, de kerk, de binnenstad vor een dagje wel aardig we zijn toch wel blij als we moe in de herberg aankomen van het slenteren dat we morgen weer de lanen op gaan en de velden in, het laatste stuk naar Santiago.
Groeten

Dirk n Marianne